Naar de inhoud

Modellengids · 1969–1973

BMW /5: de eerste airheads uit Berlijn-Spandau (1969–1973)

De /5-serie (R50/5, R60/5 en R75/5) is de eerste boxergeneratie die BMW in Berlijn-Spandau bouwde, van 1969 tot 1973. Het was een geheel nieuw ontwerp met elektrische starter, telescoopvork en een carter dat de basis legde voor alle latere airheads.

Bijgewerkt 3 oktober 2026

Alle modellen in deze serie

ModelBouwjarenccpkNL-mediaan
R50/51969–197349832–
R60/51969–197359940€ 4.900
R75/51969–197374550€ 6.225

NL-mediaan: mediaan vraagprijs van complete motoren op Marktplaats, alleen getoond vanaf 3 advertenties.

De geschiedenis

In 1969 veranderde BMW Motorrad van aanpak. De motorfietsproductie verhuisde van München, waar alle capaciteit nodig was voor de auto’s, naar het BMW-werk in Berlijn-Spandau (stadsdeel Haselhorst). Sinds 1969 worden daar BMW-motorfietsen gebouwd. De productie van de /5 begon in Berlijn in september 1969, met als eerste modellen de R50/5, R60/5 en R75/5.

Het was geen facelift van de Earles-boxers maar een geheel nieuw ontwerp. In 1970 kwamen er 12.287 BMW-motoren uit Berlijn; tot juli 1973 werden in totaal 68.956 /5-motoren gebouwd (7.865 + 22.721 + 38.370). In juli 1973 liep de /5-productie af en kwam de /6-serie in de plaats. De voorgangers vind je bij de plunjer- en Earles-boxers.

Techniek van deze generatie

De /5 heeft een 12 volt-installatie met een elektrische starter naast de kickstarter (bij de R50/5 alleen op verzoek). De motor kreeg een eendelig tunnelcarter met de nokkenas onder de krukas, aangedreven door een duplexketting, en glijlagers in plaats van rollagers. Voor zit een telescoopvork met een duplex-trommelrem, de versnellingsbak heeft vier versnellingen. Die telescoopvork is volgens de Duitse en de Engelse Wikipedia afgeleid van de vork van de US-modellen uit de Earles-reeks.

De R75/5 was de eerste BMW met gelijkdrukcarburateurs (Bing, 32 mm). De R50/5 en R60/5 houden Bing-schuifcarburateurs van 26 mm. De stuurdemper is bij alle drie een wrijvingsdemper. Volgens één bron is die vooral nuttig om het voorwiel recht te houden bij onderhoud, en kan een te strak gedraaide demper zelf voor een slingerend stuurgedrag zorgen.

Korte en lange swingarm. De vroege /5 heeft een korte achterschommel (wielbasis 1.385 mm) en een aparte, aangeschroefde achterframe die ‘rubber cow’-flex geeft; de R75/5 staat ook bekend als ‘Gummikuh’ (rubber koe). Rond eind 1972 of begin 1973 kwam er een lange schommel, ongeveer 5 cm langer. Een BMW-fiche noemt het onderdeelnummer vanaf januari 1973, enkele motoren al vanaf november 1972. Andere bronnen schrijven ‘mid-1973’ of ‘kort voor het einde van de productie’. De reden is ook niet eenduidig: stabiliteit bij hoge snelheid en ruimte voor een grotere accu worden beide genoemd, terwijl een Amerikaans blad zegt dat er geen bewijs is voor een stabiliteitsmotief. Reken dus niet op één exact serienummer.

De ‘Toaster’-tank. De /5 kwam met een grote, hoekige tank van 24 liter, later met een kleinere van ongeveer 17 liter. De ‘Toaster’ is de kleinere tank met chroomzijpanelen, vanaf modeljaar 1972. Het chroom verdween na 1973 en kreeg rubber kniekussens als vervanger. Het Duitse Wikipedia houdt 1971 aan voor de eerste kleine tank en bronnen noemen soms 15 of 17 liter, dus de details zijn niet allemaal bevestigd.

De modellen

De drie modellen delen frame, onderstel en techniek, maar verschillen duidelijk in karakter.

De R50/5 (498 cc, 32 pk) was bedoeld als opvolger van de R50/2 voor overheidsdiensten. Hij heeft een smal vermogensgebied hoog in het toerental en is zeldzaam; eigenaren houden hem meestal vast. De R60/5 (599 cc, 40 pk) is de ‘gouden middenweg’ en kreeg bij de Duitse politie de bijnaam ‘Weiße Maus’. Er werden er 22.721 van gebouwd. De R75/5 (745 cc, 50 pk) is het topmodel en met 38.370 stuks de meest verkochte. De bronnen noemen voor de R75/5 ook 749 cc; de fabrieksopgave is 745.

Voor de R75/5 gelden dezelfde technische aandachtspunten als voor de kleine broers, aangevuld met de gelijkdrukcarburateurs. Een herkenningspunt van alle /5-modellen is de koplamp met het contactslot bovenop.

Op papier lopen de modellen als volgt uiteen: de R50/5 haalt 157 km/h, de R60/5 167 km/h en de R75/5 175 km/h. De Bing-gelijkdrukcarburateurs van de R75/5 zijn voor de eigenaar het grootste verschil in onderhoud: membranen, naalden en gasasafdichtingen slijten en vragen af en toe vervanging. De schuifcarburateurs van de R50/5 en R60/5 kennen die onderdelen niet. Volgens Motorcycle Classics heeft de R50/5 een smal vermogensgebied hoog in het toerental en komt de R60/5 pas bij ongeveer 4.200 tpm in zijn vermogensband.

Kopen en bezitten: tips

De /5 is met enkele uitzonderingen goed met onderdelen te onderhouden; BMW Group Classic laat reproductieonderdelen maken voor alle /5-modellen. Luister bij een bezichtiging in stationair naar de distributieketting en kijk naar de achterste keerring: een rammelende ketting of een natte motor-versnellingsbakovergang is een reden voor vragen.

Let verder op de elektra, vooral het diodebord, en kijk of de motor het model heeft dat in de papieren staat. Omdat veel kleinere /5-modellen zijn omgebouwd, loont het om motor- en framenummer naast het kentekenbewijs te leggen. Weet welke swingarm en welke tank er op zit, en of die bij het bouwjaar passen. Een ‘Toaster’-tank hoort bij modeljaar 1972 en later, niet bij de vroegste exemplaren.

De elektra verdient apart aandacht. De dynamo van de /5 is een 180 W-uitvoering; volgens Snowbum is die te upgraden naar 280 W met een stator van de vroege /6. De borstels gaan ongeveer 70.000 tot 80.000 mijl mee. Een elektronische regelaar is een eenvoudige vervanging van de mechanische.

Zie de actuele marktwaarde op de modelpagina’s en in de marktwaarde-gids. Over de volgende stap lees je in de /6-serie.

Zwakke punten

  • aandacht: middelDistributieketting en spannerDe duplex-rollenketting heeft geen slot en een veerbelaste spanner. De levensduur is onvoorspelbaar; slijtage van de spannerschoen laat de ketting binnen ongeveer 50.000 mijl rammelen. Let op metaalvlokken in het oliefilter en een hoorbare ketting in stationair. bron
  • aandacht: middelLekkende keerring achter de krukasDe witte keerring aan de achterzijde van de krukas lekt bij de /5 na voldoende kilometers. Latere modellen kregen een O-ring in de vliegwielboring en later een teflonversie die op alle airheads past. Vocht tussen motor en versnellingsbak is een signaal. bron
  • aandacht: middelElektra: diodebord en regelaarOnder de koplamp zit een diodebord met zes grote diodes; soldeerpunten kunnen oplossen en de connectoren corroderen. De mechanische regelaar kan worden vervangen door een elektronische plug-and-play-regelaar. De dynamo is op de /5 een 180 W-uitvoering. bron
  • aandacht: laagBing-carburateursDe R50/5 en R60/5 hebben 26 mm schuifcarburateurs, de R75/5 gelijkdrukcarburateurs (CV) van 32 mm. Bij de CV's gaan membranen, vlotternaald en zitting en de gasasafdichting slijten. De vroege 64/32-CV had dunnere membranen en een stalen schuifgeleider. bron
  • aandacht: middelCardan-spline en achterwiellagersDe spline moet bij elke bandenwissel worden schoongemaakt en gesmeerd. Laat ook de achterwiellagers controleren en let op lekkage rond de ingangsmoer en de keerringen van de cardan. bron
  • aandacht: middelKlepzittingen en loodvrije benzineBij modellen van vóór 1980 zijn de zittingen van gietijzer. Zonder lood in de benzine kunnen die snel slijten; een eerste teken is een uitlaatkleplosspeling die dichtloopt. Dit komt uit één bron (airheads.org); een airhead-specialist kan modernere zittingen monteren. bron
  • aandacht: laagStiction in de voorvorkDe vroege voorvork had last van 'stiction': de vork komt moeizaam in beweging. Voor modeljaar 1973 zijn de vorkventielen herzien. Controleer of de vork soepel veert. bron
  • aandacht: middelGemengde of omgebouwde modellenVeel kleine /5-modellen zijn later met onderdelen van grotere motoren omgebouwd tot R75/5. Het is vaak lastig de originaliteit volledig te beoordelen. Vergelijk de nummers met de papieren en kijk of carburateurs, motor en frame bij het opgegeven model passen. bron

Veelgestelde vragen

Wat is het verschil tussen een korte en een lange swingarm bij de /5?

De korte achterschommel (wielbasis ca. 1.385 mm) is de oorspronkelijke uitvoering; de lange schommel is ongeveer 5 cm langer en kwam rond eind 1972 of begin 1973. Bronnen noemen als reden stabiliteit en/of ruimte voor een grotere accu, maar spreken elkaar op dit punt tegen. De overgang is ook niet exact te dateren.

Wat is een 'Toaster'-tank?

Een kleinere tank (circa 17 liter) met chroomzijpanelen, vanaf modeljaar 1972. Chroom verdween na 1973 omdat het tot klachten leidde. Over het precieze jaar en de inhoud zijn bronnen niet unaniem; het Duitse Wikipedia noemt al 1971 voor de kleine tank.

Waarom bouwde BMW de /5 in Berlijn?

In 1969 verhuisde de motorfietsproductie van München naar het BMW-werk in Berlijn-Spandau, omdat in München alle capaciteit nodig was voor auto's. Sinds 1969 worden daar BMW-motorfietsen gebouwd.

Welke /5 is het meest gewild?

De R75/5 was het topmodel en ook de meest gebouwde: 38.370 stuks. De R60/5 volgt met 22.721 en de R50/5 met 7.865. Wat een model waard is, zie je in het live marktblok op de modelpagina en in de [marktwaarde-gids](/marktwaarde/).

Kopen of verkopen?

Wil je een motor uit deze serie verkopen of zoek je er een? De Boxerschuur volgt het aanbod in Nederland en Duitsland dagelijks.

Motor verkopen Laten zoeken

Bronnen